Termijn en indiening
Het beroepschrift moet binnen zes weken na bekendmaking van de beslissing op bezwaar bij de rechtbank zijn. Dezelfde eisen gelden als voor een bezwaarschrift: naam, adres, datum, omschrijving van het besluit en gronden. Indienen kan per post of digitaal via het portaal van de Rechtspraak; voor professionele gemachtigden is digitaal procederen in veel zaken verplicht.
Griffierecht 2026
| Indiener | Standaard | Verlaagd tarief |
|---|---|---|
| Natuurlijk persoon | 200 euro | 54 euro, onder meer bij uitkeringen, toeslagen en WOZ-zaken |
| Rechtspersoon | 397 euro | Niet van toepassing |
Hetzelfde tarief geldt voor een verzoek om voorlopige voorziening. Wordt het beroep gegrond verklaard, dan vergoedt het bestuursorgaan het griffierecht. De bedragen staan op de griffierechtpagina van de Rechtspraak.
Verloop van de procedure
- De rechtbank stuurt het beroepschrift naar het bestuursorgaan, dat binnen enkele weken de stukken en een verweerschrift indient.
- Beide partijen kunnen tot tien dagen voor de zitting nieuwe stukken indienen.
- Op de zitting stelt de rechter vragen; partijen lichten hun standpunt toe.
- De uitspraak volgt in de regel binnen zes weken na de zitting.
Op de zitting mag de indiener zich laten bijstaan door een gemachtigde die geen advocaat is, zoals een familielid, een vakbondsjurist of een rechtshulpverlener. De gemachtigde heeft wel een schriftelijke machtiging nodig.
De rechter kan het beroep gegrond verklaren en het besluit vernietigen, het bestuursorgaan opdragen een nieuw besluit te nemen, zelf in de zaak voorzien, of het gebrek laten herstellen met een bestuurlijke lus.
Voorlopige voorziening
Omdat bezwaar en beroep het besluit niet schorsen, kan de voorzieningenrechter op verzoek een voorlopige voorziening treffen als onverwijlde spoed dat vereist (artikel 8:81 Awb). Voorwaarde is dat bezwaar of beroep is ingesteld. Typische gevallen zijn een dreigende sloop, een sluiting van een bedrijf of het stopzetten van een uitkering.
Hoger beroep
| Onderwerp | Hoger beroep bij |
|---|---|
| Omgevingsrecht, vreemdelingenrecht, de meeste overige zaken | Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State |
| Sociale zekerheid, ambtenarenzaken van publiekrechtelijke ambtenaren | Centrale Raad van Beroep |
| Economisch bestuursrecht, zoals mededinging en landbouwsubsidies | College van Beroep voor het bedrijfsleven |
| Belastingzaken | Gerechtshof, daarna cassatie bij de Hoge Raad |
De termijn voor hoger beroep is zes weken na verzending van de uitspraak. In sommige zaken, zoals bepaalde omgevingszaken, is er geen hoger beroep of geen beroep bij de rechtbank maar direct bij de Raad van State.
Proceskosten
Bij een gegrond beroep veroordeelt de rechter het bestuursorgaan meestal in de proceskosten, berekend met een forfaitair puntensysteem. Een veroordeling van de burger in de kosten van de overheid komt vrijwel niet voor.